• Website over de 23 grondrechten in de Nederlandse Grondwet
 

Niet met vergiet op je hoofd op ID-kaart

De pastafari’s zijn aanhangers van de Kerk van het Vliegende Spaghettimonster. Voor ongelovigen zijn ze herkenbaar aan een vergiet op hun hoofd. Daar draaide het vorige maand om voor de bestuursrechter van de rechtbank Noord-Nederland. Aartsbisschop Dirk Jan Dijkstra van de pastafari’s eiste dat de gemeente Emmen zou toestaan dat iedere pastafari met een vergiet op het hoofd op de pasfoto mag op een ID-bewijs. Op 28 juli vonniste de rechter dat de leden van het kerkgenootschap niet met een vergiet op hun hoofd op een officieel identiteitsbewijs mogen.


Bij de behandeling van de zaak voerde de advocaat van de Kerk van het Vliegende Spaghettimonster aan dat het in beginsel niet mag uitmaken niet uit of het gaat om een hoofddoek voor een moslima of om een vergiet op het hoofd van de pastafari: ‘Waarom wordt voor de ene religie wel een uitzondering gemaakt en bij de andere niet?’
De advocaat van de gemeente was het niet met zijn collega eens. In zijn ogen ging hier niet om een godsdienst, maar om een maatschappelijke stroming en waren er dus geen religieuze voorschriften in het geding.
Aartsbisschop Dijkstra antwoordde op de vraag van de rechter hoe vaak pastafari's hun vergiet op hebben: ‘Dat is bij ons een vrijwillige keuze. Het liefst zo vaak mogelijk, tenzij het onmogelijk wordt gemaakt.’

De bestuursrechter heeft de gemeente Emmen in het gelijk gesteld, omdat de Kerk van het Vliegende Spaghettimonster het dragen van een vergiet vanwege het geloof volgens diens aartsbisschop niet verplicht stelt: ‘Daarin wijkt men af van andere religies. Hiermee onderscheidt eisers geval zich reeds van de door hem genoemde andere religies. Gelet op de primaire functie van de pasfoto op de identiteitskaart, is de rechtbank van oordeel dat de gemeente Emmen geen aanleiding heeft hoeven te zien om de door eiser ingediende pasfoto te accepteren.’

Tegenover de journalist van het Dagblad van het Noorden liet aartsbisschop Dijkstra na het horen van het vonnis weten teleurgesteld te zijn, hoewel de uitspraak van de rechter ook goed nieuws bevatte: ‘Goed nieuws omdat in de uitspraak staat dat onze overtuiging een levensbeschouwende stroming is. Het slechte nieuws is dat er in dit individuele geval geen vergiet op de foto van het legitimatiebewijs mag. De rechter beoordeelt mijn religie veel strenger dan andere religies zoals het christendom en de islam. Ik zou zeggen: Gelijke monniken, gelijke kappen!’
Aartsbisschop Dijkstra heeft inmiddels laten weten dat hij naar de Raad van State stapt.

Klik hier voor de volledige tekst van de uitspraak.

pastafari rijbewijs
Elders in Europa lukt het Pastafari's
wel een pasfoto mét vergiet
op een
officeel document te krijgen...

Nieuwsarchief

Uitgelicht


Statenverkiezingen in Caribisch Nederland
In 2010 zijn Saba, Sint-Eustatius en Bonaire bijzondere gemeenten van Nederland geworden. Bij deze operatie werd vergeten om de drie bij een provincie in te delen met als gevolg dat de Nederlandse staatsburgers daar niet in de gelegenheid zouden zijn om (indirect) hun stem uit te brengen voor de Eerste Kamer.
Om het probleem op te lossen is de Kieswet aangepast en daarvoor moest in 2017 ook de Grondwet veranderd worden. Aanvankelijk was het plan om de drie betrokken eilandsraden mee te laten stemmen voor de Eerste Kamer. Daar deed zich echter de moeilijkheid voor dat net als bij de gemeenteraden ook niet-Nederlanders voor de eilandraden mogen stemmen, terwijl voor de Statenverkiezingen het Nederlanderschap een vereiste is.
Voor de drie kleine Caribische eilanden is daarom een aparte verkiezing in de Kieswet bedacht. Tegelijk met de eilandsraadverkiezingen mogen de kiesgerechtigden met een Nederlandse nationaliteit op de eilanden ook hun stem uitbrengen voor een ‘kiescollege’. Dit college heeft als enige taak mee te doen aan de Eerste Kamer-verkiezingen. Samen zijn de drie eilanden goed voor 0,11 Kamerzetel.
(gepubliceerd op 19.03.2019)

Knipoog

Parlementair taalgebruik

Op 26 september 2018 schreef Ewoud Sanders een column in NRC Handelsblad over parlementair taalgebruik.
'Na de Algemene Politieke Beschouwingen van vorige week begint de vraag zich op te dringen hoe ver politici kunnen gaan voordat zij door de Kamervoorzitter worden teruggefloten. Wilders, die de beschouwingen mocht openen, zette meteen de toon. Ik telde drie keer oprotten en één keer 'Rot zelf lekker op!' Dit was gericht tegen 'de bende van Denk', zoals Wilders ze noemde. (…) Inmiddels lijken oprotten, oppleuren en oplazeren in Haagse kringen zo geaccepteerd dat de Kamervoorzitter ze kritiekloos laat passeren. Ik vind dat opmerkelijk. Zeker als je bedenkt dat van politici nog altijd wordt verwacht dat ze een voorbeeldfunctie vervullen.'
(gepubliceerd op 10.10.2018)

 Lees de hele column van Ewoud Sanders.