Website over de 23 grondrechten in de Grondwet

Grondrechten

Preambule

De Grondwet waarborgt de grondrechten en de democratische rechtsstaat.

Artikel 1

In Nederland wordt iedereen in gelijke gevallen gelijk behandeld.
Elke vorm van discriminatie is verboden.

Artikel 2

De wet regelt wie Nederlander is en wie hier wordt toegelaten. Uitlevering aan een ander land is alleen mogelijk als er met dat land een verdrag is.
Iedereen heeft het recht het land te verlaten, behalve als de wet dat verbiedt.

Artikel 3

Iedereen die Nederlander is, mag ambtenaar worden.

Artikel 4

Iedere Nederlander van achttien jaar en ouder mag stemmen. Ook mag je dan in de gemeenteraad, de provinciale staten en de Tweede Kamer worden gekozen.

Artikel 5

In Nederland heb je het recht om bij het bevoegd gezag een schriftelijk verzoek in te dienen. Bijvoorbeeld als je een klacht hebt over het optreden van de overheid.

Artikel 6

Alle Nederlanders hebben het recht om hun godsdienst of levensovertuiging vrij te tonen. Wel moet je je daarbij aan de regels van de wet houden.

Artikel 7

In Nederland heb je vooraf geen toestemming nodig om gedachten of gevoelens te publiceren in boeken, kranten of andere media.
Voor reclame gelden er aparte spelregels.

Artikel 8

In Nederland mag iedereen een vereniging oprichten of er lid van worden. Wel moet elke vereniging de openbare orde respecteren.

Artikel 9

In Nederland mag je vergaderen en demonstreren. De overheid mag alleen regels voor demonstraties maken in het belang van de verkeersveiligheid en om wanordelijkheden te voorkomen.

Artikel 10

Iedereen in Nederland heeft recht op privacy.
De gegevens die over jou vastgelegd zijn, mag je inzien en kun je eventueel verbeteren.

Artikel 11

Iedere Nederlander heeft recht op de onaantastbaarheid van zijn lichaam. Wel mag de wetgever uitzonderingen op dat grondrecht maken.

Artikel 12

In Nederland mag zonder de toestemming van de bewoner een woning niet binnengetreden worden, behalve als de wet dat toestaat of als de rechter er toestemming voor geeft.

Artikel 13

In Nederland heeft iedereen recht op eerbiediging van het brief- en telecommunicstiegeheim, behalve als de wet dat toestaat of als de rechter er toestemming voor geeft.

Artikel 14

In Nederland zijn eigendommen onschendbaar. Onteigening kan alleen als het algemeen belang in het geding is en er een schadeloosstelling tegenover staat.

Artikel 15

Je mag in Nederland niet willekeurig van je vrijheid beroofd worden. Alleen als het in de wet staat en de rechter er toestemming voor geeft, mag je in Nederland worden vastgehouden. Wel moet je binnen een redelijke termijn voor de rechter worden voorgeleid.

Artikel 16

In Nederland kun je alleen gestraft worden voor feiten die op dat moment al in de wet strafbaar gesteld worden.

Artikel 17

Iedereen in Nederland heeft recht op een eerlijk proces en moet een beroep op de rechter kunnen doen om een onafhankelijke uitspraak te krijgen.

Artikel 18

Iedereen in Nederland heeft recht op rechtshulp.
Als je dit niet zelf kunt betalen, krijg je financiële hulp.

Artikel 19

De overheid moet bevorderen dat er in Nederland voldoende werk is. Ook maakt ze regels voor rechtspositie, arbeidsomstandigheden en medezeggenschap. Als je je als Nederlander aan de wet houdt, ben je vrij om het beroep te kiezen dat je wilt.

Artikel 20

De overheid moet ervoor zorgen dat iedereen in Nederland voldoende inkomen heeft om van te kunnen leven. Nederlanders die dat niet op eigen kracht lukt, komen in aanmerking voor een uitkering.

Artikel 21

De overheid moet Nederland en de Nederlanders tegen rampen beschermen. Ook moet ze het leefmilieu verbeteren.

Artikel 22

De overheid moet de volksgezondheid in Nederland bevorderen en ze moet zorgen voor voldoende goede woningen. Verder schept de overheid voorwaarden voor ontplooiing en vrijetijdsbesteding.

Artikel 23

De overheid moet zorgen voor goed onderwijs. Het geven van onderwijs is voor iedereen in Nederland vrij. De overheid stelt alleen eisen aan de kwaliteit van het onderwijs. Daarnaast moet ze voor voldoende openbaar onderwijs zorgen.

Uitgelicht

Het kan wéér gruwelijk mis gaan

De risico’s die tot het Toeslagenschandaal hebben geleid, zijn niet verdwenen, stelde voorzitter Van Nispen van de enquêtecommissie Fraudebeleid en Dienstverlening:vast bij de presentatie van hun eindrapport Blind voor mens en recht:
De blindheid voor mensen en voor hun rechten is er nog steeds. Een indringende constatering is dan ook dat het wéér gruwelijk mis kan gaan. Dit kan morgen weer gebeuren, zo lang de overheid zich niet aan de eigen wetten houdt. Zo lang grondrechten niet worden gerespecteerd, waarborgen ontbreken en rechtsstatelijk handelen niet dagelijks in praktijk wordt gebracht. Zo lang geen invulling wordt gegeven aan macht en tegenmacht. Zo lang de staatsmachten blind blijven voor mens en recht. Zo lang blijft het risico bestaan dat mensen door overheidshandelen worden vermorzeld. Dat kan ieder van ons overkomen.

 

Bekijk oude afleveringen Uitgelicht

Nieuw verschenen

bovendeert

Bovend’Eert en Kummeling
Het Nederlandse Parlement (13e druk)

Inmiddels zijn er zeven jaar verstreken sinds staatsrechtdeskundigen Paul Bovend’Eert en Henk Kummeling de vorige druk van de klassieker Het Nederlandse Parlement verzorgden. De eerste druk verscheen in 1938.
De nieuwe dertiende druk moest op tal van punten worden aangepast. Zo hebben de Tweede en Eerste Kamer resp. in 2021 en 2023 een nieuw reglement van orde gekregen. Andere belangrijke ontwikkelingen van de afgelopen jaren waren het vaststellen van gedragscodes voor Kamerleden en de ontwikkelingen in de onderlinge verhoudingen tussen Tweede en Eerste Kamer tijdens de laatste kabinetten-Rutte. Verder staan Bovend’Eert en Kummeling uiteraard ook stil bij de nasleep van de Kinderopvangtoeslagaffaire en de daaruit voortvloeiende roep om een nieuwe bestuurscultuur.
(29.03.2024)

Bekijk overzicht nieuwe boeken

Knipoog

Tusschen kapitaal en arbeid

Samuel van Houten had als Kamerlid in 1871 de degens gekruist met minister-president Thorbecke toen hij met het initiatief kwam om kinderarbeid aan banden te leggen. Als voorman van de ‘jong-liberalen’ bestreed Van Houten de opvattingen van staatsonthouding die Thorbecke en zijn generatie liberalen steeds hadden gepropageerd. In 1872 verwoordde hij zijn kritiek op Thorbecke in de brochure De staatsleer van Thorbecke:
In den strijd tusschen kapitaal en arbeid dreigt de laatste te worden onderdrukt. Bij de verdeeling van leertijd, werktijd en rusttijd worden de krachten der machinerien en de eischen der concurrentie, niet de krachten van den werkman en de eischen der ontwikkeling van hem en zijn gezin tot maatstaf gesteld.'
(13.05.24)

Bekijk oude afleveringen Knipoog