• Website over de 23 grondrechten in de Nederlandse Grondwet
 

Raad van State: Rechtsstaat geen sluitpost bij wetgeving

raad van state

In zijn jaarverslag 2015 constateert de Raad van State een afnemende kwaliteit van wetgeving. De wens tot snelle besluitvorming en het verwerven van politiek en bestuurlijk draagvlak prevaleert steeds vaker boven een deugdelijke juridische toetsing, vindt de raad. De waarden van de rechtstaat mogen geen sluitpost worden bij het streven naar resultaat, snelheid en draagvlak, aldus de Raad van State.

In zijn jaarverslag schetst de Raad van State hoe er in Nederland vanouds altijd naar gestreefd is om de aandacht voor verschillende belangen en waarden in het besluitvormingsproces een plaats te geven. Dit voorkomt een structurele krachtmeting tussen rechter en bestuur. Vroeger werd eerst het juridisch, praktisch en bestuurlijk haalbare en mogelijke verkend om tot politieke keuzen te komen. Nu gaat politieke overeenstemming vaak vooraf aan toetsing van wat volgens het recht en in de praktijk mogelijk en haalbaar is. Juridische en praktische bedenkingen gaan steeds minder zwaar wegen dan de vaak moeizaam bereikte overeenstemming.

De aanwezigheid van juridische kennis en vaardigheid op het moment van beleidsvoorbereiding en besluitvorming lijkt volgen de Raad van State eerder af dan toe te nemen: ‘Het verenigen van maatschappelijke dynamiek en betrouwbare bestendigheid vereist een juridische vaardigheid en een gevoel voor de waarden van de rechtsstaat die méér is dan kennis van de geldende regels. Het ontbreken daarvan en het verwaarlozen van de kennis en inzichten van het recht bij de besluitvorming zijn een bedreiging voor het duurzaam functioneren van de rechtsstaat in Nederland. Dan dreigen de waarden van de rechtsstaat sluitpost te worden in het streven naar resultaat, snelheid en draagvlak.’
Deze ontwikkeling stemt de Raad van State somber: ‘Een ontwikkeling waarbij in wet- en regelgeving en besluitvorming rechtswaarborgen en rechtseenheid ondergeschikt worden gemaakt aan het streven naar resultaat en overeenstemming, leidt onvermijdelijk tot een toenemende confrontatie van recht en maatschappelijke dynamiek voor de rechter. Dat is geen goede ontwikkeling.’

Zie op de site van de Raad van State de complete tekst van het jaarverslag.http://jaarverslag.raadvanstate.nl/

Nieuwsarchief

Uitgelicht


Statenverkiezingen in Caribisch Nederland
In 2010 zijn Saba, Sint-Eustatius en Bonaire bijzondere gemeenten van Nederland geworden. Bij deze operatie werd vergeten om de drie bij een provincie in te delen met als gevolg dat de Nederlandse staatsburgers daar niet in de gelegenheid zouden zijn om (indirect) hun stem uit te brengen voor de Eerste Kamer.
Om het probleem op te lossen is de Kieswet aangepast en daarvoor moest in 2017 ook de Grondwet veranderd worden. Aanvankelijk was het plan om de drie betrokken eilandsraden mee te laten stemmen voor de Eerste Kamer. Daar deed zich echter de moeilijkheid voor dat net als bij de gemeenteraden ook niet-Nederlanders voor de eilandraden mogen stemmen, terwijl voor de Statenverkiezingen het Nederlanderschap een vereiste is.
Voor de drie kleine Caribische eilanden is daarom een aparte verkiezing in de Kieswet bedacht. Tegelijk met de eilandsraadverkiezingen mogen de kiesgerechtigden met een Nederlandse nationaliteit op de eilanden ook hun stem uitbrengen voor een ‘kiescollege’. Dit college heeft als enige taak mee te doen aan de Eerste Kamer-verkiezingen. Samen zijn de drie eilanden goed voor 0,11 Kamerzetel.
(gepubliceerd op 19.03.2019)

Knipoog

Parlementair taalgebruik

Op 26 september 2018 schreef Ewoud Sanders een column in NRC Handelsblad over parlementair taalgebruik.
'Na de Algemene Politieke Beschouwingen van vorige week begint de vraag zich op te dringen hoe ver politici kunnen gaan voordat zij door de Kamervoorzitter worden teruggefloten. Wilders, die de beschouwingen mocht openen, zette meteen de toon. Ik telde drie keer oprotten en één keer 'Rot zelf lekker op!' Dit was gericht tegen 'de bende van Denk', zoals Wilders ze noemde. (…) Inmiddels lijken oprotten, oppleuren en oplazeren in Haagse kringen zo geaccepteerd dat de Kamervoorzitter ze kritiekloos laat passeren. Ik vind dat opmerkelijk. Zeker als je bedenkt dat van politici nog altijd wordt verwacht dat ze een voorbeeldfunctie vervullen.'
(gepubliceerd op 10.10.2018)

 Lees de hele column van Ewoud Sanders.