• Website over de 23 grondrechten in de Nederlandse Grondwet
 

Eerste Kamer schaft wetsartikel godslastering af

(04.12.2013) Nadat in april de Tweede Kamer had ingestemd met het initiatiefwetsvoorstel van D66 en de SP om artikel 147 van het Wetboek van Strafrecht te laten vervallen, is nu ook de Eerste Kamer akkoord gegaan. Sinds 1968 is het in het artikel vervatte verbod op smalende godslastering niet meer toegepast.

 

De Eerste Kamer kwam als voorwaarde om met het initiatiefwetsvoorstel akkoord te gaan met een motie waarin het kabinet verzocht werd om te kijken of artikel 137 van het Wetboek van Strafrech zo kon worden aangepast dat burgers toch afdoende werden beschermd tegen ernstige belediging van hun geloof.  De reden voor de motie waren twijfels in de Eerste-Kamerfracties van beide regeringspartijen of bij het schrappen van het wetsartikel gelovigen nog voldoende beschermd zouden zijn. Onder die voorwaarde stemden uiteindelijk 49 van de 75 senatoren vóór afschaffing van artikel 147.

Het wetsartikel is in 1932 door de toenmalige minister Donner van Justitie (de grootvader van Piet Hein Donner), ingesteld. Er zijn sindsdien negen keer mensen op grond van het artikel veroordeeld. Hoogleraar strafrecht Henny Sackers vertelt er in Trouw over: 'Er was een wet aangenomen die de Kamer in grote onzekerheid achterliet. Wat is God? Wat is smalend?'

De genadeslag voor artikel 147 kwam toen Gerard Reve beschreef hoe God op aarde terugkeerde als een ezel waarmee hij geslachtsgemeenschap had en er pogingen in het werk gesteld werden om hem op grond van artikel 147 veroordeeld te krijgen. Ondanks alle consternatie werd Reve in het spraakmakende 'Ezelarrest' door de Hoge Raad vrijgesproken.

Sindsdien is er in Nederland niemand meer voor smalende godslastering veroordeeld. D66 en SP motiveerden hun initiatiefwetsvoorstel onder andere met de constatering dat het belangrijk was om een slapende bepaling niet de kans te geven om ooit weer wakker te worden gemaakt.

SP-woordvoeder Jan de Wit zei over het artikel op de website van zijn partij onder andere: 'Deze bepaling is tachtig jaar geleden in het wetboek gekomen om foute redenen, namelijk om een niet-gelovige minderheid de mond te snoeren. Vandaag zetten we een juiste stap, door een wetsartikel dat onderscheid maakt tussen gelovigen en niet-gelovigen uit de strafwet te halen.'

Trouw publiceerde op 16.04.13 een uitgebreide analyse over de geschiedenis van artikel 147.

Nieuwsarchief

Uitgelicht


De staat kent zijn plaats niet meer
Filosoof Ger Groot schreef in het Opinie-katern van NRC Handelsblad van 3 augustus 2019 een essay over de wet die het dragen van boerka's verbiedt. Handhaving lijkt nauwelijks mogelijk en de wet zorgt vooral voor reuring, vindt Groot. Hij vindt deze wetgeving slecht voor ons wettelijk bestel: 'Dat het boerkaverbod er toch gekomen is, wijst erop dat het symbolische karakter het gewonnen heeft van de praktische aspecten.'
'De staat kent zijn plaats niet meer', vindt Ger Groot:
Wanneer overtuigingen een wettelijke status krijgen, gebeurt er iets akeligs. De staat, die spreekt bij monde van de wet, maakt ze daarmee tot de zijne en gaat ze via ge- en verboden voorschrijven aan zijn burgers. Het neutrale bouwsel dat ooit was opgetrokken om de Nederlandse samenleving in goede banen te leiden, legt zijn neutraliteit af en maakt zich tot een morele of wereldbeschouwelijke instantie. In Nederland hadden we ooit afgesproken dat dat laatste alleen aan de samenleving en de burger toekwam. (05.08.19)



Knipoog

 

Tractorcratie

Het hoofdredactioneel commentaar van NRC Handelsblad stond op 20 december 2019 stil bij de acties van de boeren: ‘Wie behalve een mening ook een trekker heeft, mag er in Nederland kennelijk meer ruimte mee afdwingen’, stelde de krant vast. De commentator voegde eraan toe te voegen dat het gezag er op een gegeven moment niet onderuit kan ook fysiek te laten zien dat de boeren geen blanco cheque hebben om alle regels aan hun laars te lappen. Is het einde van de ‘tractorcratie’ al weer in zicht? (21.12.19)