Website over de 23 grondrechten in de Grondwet

Nieuws

Blijvend fors aantal klachten over schenden privacy

De Autoriteit Persoonsgegevens ontving in 2020 in totaal 25.590 klachten over mogelijke misstanden met persoonsgegevens. Er is grote achterstand in de behandeling van de klachten.

Uit de onlangs verschenen Klachtenrapportage Autoriteit Persoonsgegevens 2020 blijkt dat het aantal klachten vorig jaar ongeveer op hetzelfde niveau lag als in 2019. In dat jaar kreeg de organisatie te maken met een groei van zo'n 80 procent in het aantal klachten. De organisatie waar de meeste klachten over binnenkwamen, was de Belastingdienst.

Een deel van de klachten die de Autoriteit Persoonsgegevens in 2020 ontving, had te maken met het coronavirus. Het ging bijvoorbeeld over werkgevers die de temperatuur van werknemers wilden opnemen of hen verplicht testen wilden laten afnemen. Andere zaken waren het digitaal surveilleren bij tentamens en het plan van het kabinet om telecombedrijven te verplichten bepaalde data te delen.Twee bedrijven kregen boetes opgelegd omdat ze de regels rond het opnemen van temperatuur van werknemers hadden overtreden.

De Autoriteit Persoonsgegevens stelde in 2020 een onderzoek in dat leidde tot een forse boete voor het OLVG Amsterdam wegens onvoldoende beveiliging van de medische dossiers. Bureau Krediet Registratie (BKR) in Tiel kreeg een boete omdat er te hoge drempels werden opgeworpen voor inzage van de eigen gegevens door de geregistreerden.

Door het gebrek aan budget en menskracht duurde het in 2020 gemiddeld zes maanden voor de Autoriteit Persoonsgegevens een klacht in behandeling kon nemen. De wachtrij is volgens voorzitter Aleid Wolfsen van de organisatie inmiddels opgelopen tot 9800 klachten. Wil de Autoriteit Persoonsgegevens alle achterstanden kunnen wegwerken, zijn er volgens Wolfsen 470 fulltimebanen nodig in plaats van de huidige 180.

 

Uitgelicht

Het kan wéér gruwelijk mis gaan

De risico’s die tot het Toeslagenschandaal hebben geleid, zijn niet verdwenen, stelde voorzitter Van Nispen van de enquêtecommissie Fraudebeleid en Dienstverlening:vast bij de presentatie van hun eindrapport Blind voor mens en recht:
De blindheid voor mensen en voor hun rechten is er nog steeds. Een indringende constatering is dan ook dat het wéér gruwelijk mis kan gaan. Dit kan morgen weer gebeuren, zo lang de overheid zich niet aan de eigen wetten houdt. Zo lang grondrechten niet worden gerespecteerd, waarborgen ontbreken en rechtsstatelijk handelen niet dagelijks in praktijk wordt gebracht. Zo lang geen invulling wordt gegeven aan macht en tegenmacht. Zo lang de staatsmachten blind blijven voor mens en recht. Zo lang blijft het risico bestaan dat mensen door overheidshandelen worden vermorzeld. Dat kan ieder van ons overkomen.

 

Bekijk oude afleveringen Uitgelicht

Nieuw verschenen

bovendeert

Bovend’Eert en Kummeling
Het Nederlandse Parlement (13e druk)

Inmiddels zijn er zeven jaar verstreken sinds staatsrechtdeskundigen Paul Bovend’Eert en Henk Kummeling de vorige druk van de klassieker Het Nederlandse Parlement verzorgden. De eerste druk verscheen in 1938.
De nieuwe dertiende druk moest op tal van punten worden aangepast. Zo hebben de Tweede en Eerste Kamer resp. in 2021 en 2023 een nieuw reglement van orde gekregen. Andere belangrijke ontwikkelingen van de afgelopen jaren waren het vaststellen van gedragscodes voor Kamerleden en de ontwikkelingen in de onderlinge verhoudingen tussen Tweede en Eerste Kamer tijdens de laatste kabinetten-Rutte. Verder staan Bovend’Eert en Kummeling uiteraard ook stil bij de nasleep van de Kinderopvangtoeslagaffaire en de daaruit voortvloeiende roep om een nieuwe bestuurscultuur.
(29.03.2024)

Bekijk overzicht nieuwe boeken

Knipoog

Tusschen kapitaal en arbeid

Samuel van Houten had als Kamerlid in 1871 de degens gekruist met minister-president Thorbecke toen hij met het initiatief kwam om kinderarbeid aan banden te leggen. Als voorman van de ‘jong-liberalen’ bestreed Van Houten de opvattingen van staatsonthouding die Thorbecke en zijn generatie liberalen steeds hadden gepropageerd. In 1872 verwoordde hij zijn kritiek op Thorbecke in de brochure De staatsleer van Thorbecke:
In den strijd tusschen kapitaal en arbeid dreigt de laatste te worden onderdrukt. Bij de verdeeling van leertijd, werktijd en rusttijd worden de krachten der machinerien en de eischen der concurrentie, niet de krachten van den werkman en de eischen der ontwikkeling van hem en zijn gezin tot maatstaf gesteld.'
(13.05.24)

Bekijk oude afleveringen Knipoog